Kikkers en padden lijken op het eerste gezicht sterk op elkaar, en veel mensen halen ze door elkaar. Toch zijn het verschillende dieren met elk hun eigen kenmerken, leefwijze en uiterlijk. Beide behoren tot de orde van de amfibieën, maar ze verschillen in bouw, gedrag en voortplanting.
Hieronder lees je wat het echte verschil is tussen een kikker en een pad.
1. Huid en uiterlijk
Het eerste wat opvalt, is de huid. Kikkers hebben een gladde, vaak glanzende huid die vochtig aanvoelt. Ze moeten die vochtigheid behouden om goed te kunnen ademen via hun huid.
Padden daarentegen hebben een droge, bobbelige huid met kleine wratten. Die ruwe huid beschermt hen beter tegen uitdroging en vijanden, want veel roofdieren vinden de bittere stoffen in hun huid onaangenaam.
2. Lichaamsbouw
Kikkers hebben een slanker lichaam met lange achterpoten die perfect zijn om te springen. Ze kunnen met één sprong indrukwekkende afstanden overbruggen.
Padden hebben een steviger, gedrongen lichaam met kortere poten. In plaats van springen, bewegen ze zich meestal voort door te kruipen of kleine hupjes te maken. Hun bouw is beter geschikt voor een leven op het land.
3. Leefomgeving
Kikkers leven het liefst in of vlak bij water. Ze brengen een groot deel van hun leven door in vijvers, sloten of moerassen, waar ze makkelijk kunnen zwemmen.
Padden daarentegen zijn echte landdieren. Ze zoeken het water meestal alleen op om eieren te leggen en brengen de rest van het jaar door onder bladeren, stenen of in de grond, waar het koel en vochtig blijft.
4. Eieren en voortplanting
Ook hun eieren verschillen duidelijk. Kikkers leggen hun eieren in klompen of hopen dril, vaak aan waterplanten bevestigd.
Padden leggen lange snoeren van eieren die lijken op glanzende kralenkettingen. Beide soorten larven, de kikkervisjes, lijken in het begin sterk op elkaar, maar ontwikkelen zich tot duidelijk verschillende dieren naarmate ze groeien.
5. Geluid en roep
Kikkers staan bekend om hun luide gekwaak, vooral in het voorjaar. Hun keelblaas zwelt op als een ballon wanneer ze roepen om partners aan te trekken.
Padden maken ook geluid, maar hun roep is meestal zachter en meer brommend van toon. Elke soort heeft zijn eigen herkenbare roep, die vaak te horen is rond schemering.
6. Gedrag en verdediging
Wanneer gevaar dreigt, springen kikkers snel het water in om te ontsnappen. Hun gladde huid helpt hen daarbij, want die maakt ze glibberig voor roofdieren.
Padden vertrouwen eerder op camouflage en hun gifstoffen. Hun huid scheidt een melkachtige vloeistof af die bitter smaakt en roofdieren afschrikt. Sommige soorten kunnen zich ook opblazen om groter te lijken.
7. Levensduur
Kikkers leven meestal korter dan padden, vaak tussen de 5 en 10 jaar.
Padden kunnen in gunstige omstandigheden wel 15 tot 30 jaar oud worden.
Hun dikkere huid en landgerichte leefwijze helpen hen beter overleven in droge periodes.
Het verschil tussen een kikker en een pad zit vooral in hun huid, bouw en leefwijze. Kikkers zijn glad, slank en waterminnend, terwijl padden droog, gedrongen en meer landgericht zijn. Beide spelen een belangrijke rol in de natuur en laten zien hoe veelzijdig amfibieën kunnen zijn.
