De 7 Kwallen van de Noordzee (en welke steken)
Een warme zomerdag aan het strand, en overal liggen ze: kwallen. In de Noordzee leeft een handvol soorten, en lang niet allemaal steken ze. Langs de Nederlandse kust zie je vooral de oorkwal, de blauwe haarkwal, de kompaskwal en de zeepaddenstoel. In de winter leven ze als kleine poliepjes op de zeebodem. In de zomer groeien ze uit tot kwallen, en als de stroming naar de kust staat, spoelen ze aan. Hier zijn de 7 kwallen van de Noordzee en hoe je ze herkent.
1. Oorkwal

De oorkwal is de bekendste kwal van de Noordzee. Je herkent hem aan de vier roze tot paarse ringen in zijn doorzichtige hoed, die samen op een klavertje vier lijken. Die ringen zijn zijn voortplantingsorganen.
Een oorkwal steekt nauwelijks. Een steek geeft hooguit wat jeuk, die meestal binnen twee dagen over is.
2. Blauwe haarkwal

De blauwe haarkwal herken je aan zijn blauwe kleur, al zijn er ook zilverwitte en geelachtige exemplaren. Onder de hoed hangt een bos dunne tentakels. Hij is een van de eerste kwallen van het seizoen.
De blauwe haarkwal kan wel steken. De steek voelt als een brandnetel en is vooral vervelend op plekken waar je huid dun is.
3. Kompaskwal

De kompaskwal dankt zijn naam aan de tekening op zijn hoed: zestien bruine, pijlvormige strepen en zestien bruine vlekjes langs de rand, die samen op een kompasroos lijken. De hoed wordt tot 30 centimeter breed en de dunne tentakels kunnen meters lang worden.
Van de gewone kwallen aan onze kust steekt hij het pijnlijkst. Bij aanhoudende noordwestenwind spoelen er soms duizenden tegelijk aan. Ben je gestoken, spoel de plek dan af met zeewater. Meestal gaat de pijn vanzelf over. Alleen mensen die allergisch zijn voor kwallensteken kunnen ernstigere klachten krijgen.
4. Zeepaddenstoel

De zeepaddenstoel, ook wel bloemkoolkwal genoemd, is de grootste kwal van onze kust. Hij heeft een stevige, bolle hoed met daaronder dikke, bloemkoolachtige armen in plaats van lange tentakels. Hij kan zo’n anderhalve meter groot worden.
Ondanks zijn formaat is de zeepaddenstoel ongevaarlijk: zijn netelcellen zijn te zwak om mensen pijn te doen. Hij verschijnt meestal pas laat in de zomer.
5. Gele haarkwal

De gele haarkwal is familie van de blauwe haarkwal, maar houdt van koud water. Hij is geeloranje tot roodbruin en heeft een dichte bos lange tentakels. Langs onze kust is hij minder algemeen. Hij kan pijnlijk steken.
In koudere zeeën kan deze kwal enorm groot worden. Meer daarover lees je in de grootste kwallen in de zee.
6. Parelkwal

De parelkwal is een kleine, paarsroze kwal. Hij houdt van warm water en is bij ons zeldzaam. Toch kan hij door het opwarmende zeewater in de toekomst vaker opduiken, en dat is niet prettig: de parelkwal kan flink steken.
7. Amerikaanse ribkwal

De Amerikaanse ribkwal is geen echte kwal, maar een ribkwal. Hij is doorzichtig, met rijen trilhaartjes die in het licht als een regenboog glinsteren. Ribkwallen steken niet.
De soort komt oorspronkelijk van de Amerikaanse oostkust en is waarschijnlijk met ballastwater van schepen naar Europa gekomen. Inmiddels zie je hem in de Nederlandse kustwateren. Meer giftige soorten uit de rest van de wereld vind je in de giftigste kwallen in de zee.
