11 Lichtgevende Weetjes over Vuurvliegjes
Op een warme zomeravond zie je ze soms in het gras oplichten: vuurvliegjes. Het zijn geen vliegen maar kevers, en ze maken hun eigen licht. In Nederland heten ze meestal glimwormen. Hier zijn 11 weetjes over vuurvliegjes.
1. Een vuurvliegje is een kever
Ondanks hun naam zijn vuurvliegjes geen vliegen, maar kevers. Wereldwijd zijn er heel veel soorten, vooral in warme landen. In Nederland noemen we ze meestal glimwormen. Meer kevers vind je bij de grootste kevers op aarde.
2. Ze maken koud licht

Het licht van een vuurvliegje ontstaat door een chemische reactie in zijn achterlijf. Daarbij reageert een stof die luciferine heet met zuurstof, geholpen door een enzym. Bijna alle energie wordt omgezet in licht en bijna niets in warmte. Daarom heet het ook wel koud licht.
3. In Nederland leeft de grote glimworm
De meest voorkomende glimworm in Nederland is de grote glimworm (Lampyris noctiluca). Je ziet hem vooral in de zomer, op warme avonden in bermen, heidevelden en aan bosranden.
4. Het vrouwtje heeft geen vleugels
Bij de grote glimworm ziet het vrouwtje er heel anders uit dan het mannetje. Zij heeft geen vleugels en geen dekschilden, en lijkt daardoor meer op een larve. Ze is zo’n 2 centimeter lang. Het mannetje is iets kleiner en kan wel vliegen.
5. Het vrouwtje lokt het mannetje met licht

Op zomeravonden klimt het vrouwtje op een grasspriet of een takje en laat ze haar achterlijf oplichten. Een rondvliegend mannetje ziet dat lichtje al van zo’n 10 meter afstand. Zo vinden ze elkaar in het donker. Ook de larven en de mannetjes kunnen licht geven.
6. Lichtvervuiling is een groot probleem
Straatlantaarns, tuinverlichting en verlichte gebouwen maken het voor glimwormen moeilijk. Volgens onderzoekers van de Universiteit Antwerpen worden de vrouwtjes door het kunstlicht onzichtbaar voor de mannetjes. Daardoor krijgen ze minder nakomelingen.
7. Ook hun leefgebied verdwijnt
Naast het licht hebben glimwormen ook last van het verdwijnen van hun leefgebied, zoals bloemrijke bermen en ruige randen. In sommige natuurgebieden worden daarom speciale maatregelen genomen, bijvoorbeeld door minder te maaien of het licht ’s nachts uit te doen.
8. Elke soort heeft zijn eigen lichtcode

Vuurvliegjes in andere landen knipperen vaak met hun licht. Elke soort heeft daarbij een eigen ritme en kleur, een soort morsecode. Zo herkennen mannetjes en vrouwtjes van dezelfde soort elkaar.
9. Sommige vuurvliegjes knipperen tegelijk
In een paar plekken op de wereld knipperen duizenden vuurvliegjes precies tegelijk. Het bekendste voorbeeld is het Great Smoky Mountains National Park in de Verenigde Staten. Daar gaat het hele bos in de zomer een paar weken lang in hetzelfde ritme aan en uit. Ook in Zuidoost-Azië zijn er bomen vol vuurvliegjes die samen knipperen.
10. Toeristen kunnen de show verstoren
Het tegelijk knipperen trekt veel bezoekers. Maar flitsende camera’s en zaklampen kunnen de vuurvliegjes in de war brengen. Daarom gelden er in sommige gebieden strenge regels: lampen uit en geen flits gebruiken.
11. De larven zijn rovers
De larven van de grote glimworm eten slakken. Ze bijten de slak en spuiten er verteringssappen in, waardoor de slak van binnenuit vloeibaar wordt. Daarna zuigen ze de slak leeg. Een opvallend menu voor zo’n klein beestje dat zo mooi kan oplichten.
