15 Weetjes over de Haas
De haas is een van de bekendste zoogdieren van Europa. Met zijn lange oren, krachtige poten en indrukwekkende snelheid is hij perfect aangepast aan het leven in open landschappen. Maar er is veel meer te vertellen dan alleen de befaamde sprint.
1. Haalt snelheden tot 70 kilometer per uur
De haas is een van de snelste landzoogdieren van Europa. Op volle snelheid haalt hij 60 tot 70 kilometer per uur, wat hem sneller maakt dan een vos of een hond. Die snelheid combineert hij met abrupte richtingsveranderingen, waardoor achtervolgers het spoor bijster raken. Zijn achterpoten zijn zo krachtig dat ze bij elke sprong verder reiken dan zijn voorpoten, wat hem zijn kenmerkende schommelpas geeft.
2. Heeft veel langere achterpoten dan een konijn

De achterpoten van een haas zijn proportioneel veel langer dan die van een konijn, wat direct zichtbaar is als je de twee naast elkaar ziet. In één sprong legt een haas tot 3 meter af. Die bouw is volledig gericht op snelheid in open terrein: de haas heeft geen hol om naar terug te rennen en is voor zijn overleving volledig afhankelijk van zijn poten.
3. Leeft solitair
Hazen zijn geen sociale dieren. Ze leven solitair en vermijden actief contact met soortgenoten buiten het paarseizoen. Elk dier heeft zijn eigen territorium van soms tientallen hectaren dat het dagelijks doorkruist op vaste routes. Die solitaire leefstijl verkleint de kans dat een roofdier meerdere dieren tegelijk aantreft.
4. Slaapt boven de grond in een leger
In tegenstelling tot het konijn graaft de haas geen hol. Overdag rusten hazen in een leger: een ondiepe kuil in het gras of tussen kluiten aarde, net groot genoeg om in te liggen. Ze drukken zich plat tegen de grond en vertrouwen op hun camouflage om onzichtbaar te blijven. Pas als een roofdier tot op enkele meters nadert, schieten ze weg.
5. Heeft oren die ook als koeling dienen
De lange oren van de haas zijn niet alleen gericht op het opvangen van geluiden. Het netwerk van bloedvaten in de oren functioneert ook als een warmtewisselaar: bij warm weer stroomt warm bloed door de dunne oorhuid, waar het afkoelt voordat het terugkeert naar het lichaam. In de kou worden de oren platgelegd om warmteverlies te beperken.
6. Ziet bijna 360 graden om zich heen

De ogen van de haas zitten aan de zijkanten van zijn hoofd en geven hem een gezichtsveld van bijna 360 graden. Hij kan zo een vos of roofvogel achter zich opmerken zonder zijn hoofd te draaien. Het enige blinde vlak zit recht voor zijn neus. Dat brede zichtveld gaat wel ten koste van dieptewaarneming: hazen schatten afstanden minder nauwkeurig in dan dieren met vooruitkijkende ogen.
7. Eet zijn eigen uitwerpselen
Hazen produceren twee soorten keutels: harde, droge keutels die ze laten liggen, en zachte, voedzame blindedarmkeutels die ze direct van hun eigen achterste eten. Die zachte keutels bevatten onverteerde eiwitten, vitamines en nuttige bacteriën. Door ze opnieuw te eten verdubbelen ze de voedingsstoffenopname uit hun plantaardige dieet. Dit gedrag heet caecotrofie en is essentieel voor hun overleving.
8. Houdt geen winterslaap
Hazen blijven het hele jaar actief, ook bij vorst en sneeuw. Ze hebben geen vetreserves voor een winterslaap maar vertrouwen op hun dikke wintervacht en hun vermogen om zelfs onder sneeuw te foerageren. In strenge winters eten ze schors, twijgen en knoppen van struiken en jonge bomen, wat in bepaalde gebieden tot merkbare vreetschade aan aanplant leidt.
9. Gedijt het best in open boerenland
De haas heeft de voorkeur voor open, afwisselend landschap met akkers, graslanden, slootranden en hagen. Dat boerenland biedt zowel voedsel als schuilplekken. In Nederland is de haas de afgelopen decennia sterk achteruitgegaan door intensivering van de landbouw, het verdwijnen van akkerranden en het gebruik van bestrijdingsmiddelen. In sommige regio’s zijn de aantallen met meer dan de helft afgenomen.
10. Kan meerdere worpen per jaar krijgen
Het paarseizoen van de haas begint in januari en loopt door tot augustus. Een ooi kan in die periode twee tot vier worpen per jaar krijgen, met elk twee tot vier jongen. De draagtijd bedraagt circa 42 dagen. Door die hoge reproductiegraad kan een goede populatie zich snel herstellen na een strenge winter of een periode van hoge predatiedruk.
11. Jongen zijn meteen zelfstandig
Hazenjongen, leveringen genaamd, worden volledig ontwikkeld geboren: met open ogen, een volledige vacht en direct in staat om te lopen. Na de geboorte verspreidt de moeder haar jongen over het terrein en bezoekt elk jong eenmaal per dag om het te zogen, ’s avonds kort na zonsondergang. Na drie tot vier weken zijn de jongen volledig zelfstandig. Die strategie verkleint de kans dat een roofdier het hele nest in één keer vindt.
12. Vlucht in een zigzagpatroon
Als een haas daadwerkelijk op de vlucht slaat, doet hij dat niet in een rechte lijn. Hij zigzagt met plotselinge, scherpe richtingswisselingen die voor een achtervolger bijna onmogelijk te voorspellen zijn. Een vos verliest bij elke bocht aan snelheid; de haas niet. Dat zigzagpatroon geeft hem een groot voordeel in zijn eigen terrein, waar hij de obstakels kent en zijn achtervolger niet.
13. Is extreem waakzaam en schuw
De haas vertrouwt bijna volledig op vroeg gevaar detecteren. In zijn leger ligt hij met gespitste oren en registreert hij elk geluid en elke beweging in zijn omgeving. Hij wacht tot het laatste moment voor hij vlucht, om zo min mogelijk energie te verspillen aan onnodige vluchten. Die combinatie van waakzaamheid en geduld maakt hem moeilijk te benaderen, zelfs voor geoefende waarnemers.
14. Bokst tijdens het paarseizoen

In het vroege voorjaar zijn hazen te zien die elkaar met hun voorpoten lijken te boksen. Dat spektakel gaat niet altijd tussen twee mannetjes: het is vaak een vrouwtje dat een opdringerig mannetje van zich af slaat. Het boksen is een manier voor het vrouwtje om te testen of een mannetje sterk genoeg is, of simpelweg om hem op afstand te houden tot ze klaar is om te paren.
15. Is beschermd in Nederland
De haas staat op de Nederlandse Rode Lijst als kwetsbaar en is beschermd onder de Wet Natuurbescherming. De jacht op hazen is aan strikte regels gebonden en in veel provincies beperkt of verboden. Oorzaken van de achteruitgang zijn intensieve landbouw, verlies van schuilplekken en hoog verlies van jongen door maaimachines die te vroeg en te snel over graslanden rijden. Projecten waarbij boeren akkerranden laten staan helpen de soort langzaam te herstellen.