Top 10 Kleinste dinosaurussen die tot nu toe ontdekt zijn

Stel je eens een dinosaurus voor. Waarschijnlijk denk je meteen aan een enorm beest, zoals een Tyrannosaurus Rex of een Supersaurus. Maar lang niet alle dino’s waren zo groot. In 2020 vonden wetenschappers de schedel van de kleinste dinosaurus die tot nu toe ontdekt is in een stuk barnsteen in Myanmar. De Oculudentavis khaungraae had het formaat van een bijkolibrie, met zijn 5 à 6 centimeter de kleinste vogel ter wereld, en was waarschijnlijk een echte jager die het op kleine insecten had gemunt. De volgende tien dinosauriërs zijn een slagje groter, maar behoren nog steeds tot de kleinste ooit gevonden. Ze zouden niet misstaan in een combinatie van Jurassic Park en Madurodam!

Naamloos: BEXHM: 2008.14.1 (17 tot 50 centimeter)

Veel is er niet bekend over deze kleine dinosaurus die nog naamloos door het leven gaat. Er is dan ook alleen een nekwervel gevonden. Onderzoekers hebben aan de hand van deze wervel bedacht hoe de wervelkolom en het silhouet van deze dino eruit zouden kunnen zien. Het vermoeden bestaat dat BEXHM: 2008.14.1 een Maniraptora was, een ‘handrover’.

Epidexipteryx hui (25 centimeter)

Epidexipteryx hui

★Kumiko★ -/flickr/ CC BY-SA 2.0

Epidexipteryx hui 2

Nobu Tamura/wikipedia

Epidexipteryx hui was zo groot als een duif en werd voor het eerst beschreven in 2008. Epidexipteryx betekent ‘veertonend’ en ‘hui’ is toegevoegd als een eerbetoon aan de Chinese paleontoloog Yaoming Hu, die kort daarvoor overleden was. Waarschijnlijk had deze soort lange staartveren, maar baarden zijn niet aangetroffen. Onderzoekers denken dat het een bodembewoner geweest is, die misschien op enig moment wel heeft gevlogen, maar later dit vermogen heeft verloren. De staartveren zouden behouden zijn gebleven om indruk te maken op de vrouwtjes.

Eosinopteryx brevipenna (30 centimeter)

Eosinopteryx brevipenna

El fosilmaníaco/wikipedia/CC BY-SA 3.0

Nadat het Yizhou Fossil & Geology Park dit fossiel kocht van een illegale handelaar, werd de preparatie uiteindelijk voltooid door een Belgisch team, die de soort in 2012 beschreef. Eosinopteryx is een samenvoeging van twee Oudgriekse en een Latijns woord, die zich laten vertalen als ‘dageraad’, ‘Chinezen’ en ‘vleugel’. ‘Brevipenna’ staat dan weer voor ‘korte slagpen’. Deze soort leefde in het gebied dat we nu China noemen, tijdens het late Jura.

Nqwebasaurus thwazi (30 centimeter)

Nqwebasaurus thwazi

IJReid/wikipedia/CC BY 4.0

In 1996 werden bij Kirkwood in Zuid-Afrika delen opgegraven van het skelet van deze kleine dino. William de Klerk en Callum Ross troffen onder andere een gedeeltelijke schedel, wervels en poten aan. Ook lagen er twaalf gastrolieten, stenen die gebruikt worden voor de spijsvertering. Nqweba is de naam van de streek waar de vindplaats zich bevind in Xhosa en ‘thwazi’ betekent snelle renner in deze taal. De Nqwebasaurus thwazi behoort net als de Tyrannosaurus Rex tot de Coelurosauria.

Ornithomimus minutus (30 centimeter)

Drie middenvoetsbeentjes, dat is het enige bewijs dat ooit gevonden is van het bestaan van deze dino. De Amerikaanse paleontoloog Othniel Charles Marsh kreeg deze botjes onder ogen en gaf de soort in 1892 de naam Ornithomimus minutus. Minutus verwijst hierbij naar het kleine formaat en betekent zoveel als ‘de piepkleine’. Tachtig jaar later plakte Dale Russell een ander etiket op de soort: Dromaeosaurus minutus en in 2000 kreeg deze dinosauriër weer een andere naam; George Olshevsky determineerde de soort als Troodon minutus. Waar ze het in ieder geval wel over eens waren, was dat het gaat om een kleine theropode dinosauriër.

Palaeopteryx thomsoni (30 centimeter)

Palaeopteryx thomsoni

Matt Martyniuk/wikipedia

Het is ook niet makkelijk om een mogelijk nieuwe soort te identificeren aan de hand van een enkel fragment van een botje, dat bekend staat als BYU 2022. Het geslacht Palaeopteryx wordt dan ook als een ‘nomen dubium’ beschouwd, een naam waaraan getwijfeld kan worden. In 1970 werd het botfragment gevonden tijdens een expeditie in westelijk Colorado. In 1981 benoemde expeditieleider J. A. Jensen de soort, maar maakte hierbij een fout in de identificatie. In 1989 deed hij een tweede poging, samen met K. Padian.

Parvicursor remotus (30 tot 39 centimeter)

Parvicursor remotus

PaleoEquii/wikipedia/CC BY-SA 4.0

Tijdens het late Krijt kwam Parvicursor remotus voor in het gebied dat we tegenwoordig Mongolië noemen. In 1992 werden bij Choelsan de eerste resten aangetroffen van deze kleine theropode dinosauriër, een gedeeltelijk skelet waarvan de schedel ontbreekt. Parvicursor betekent ‘kleine renner’.

Archaeopteryx lithographica (40 centimeter)

Archaeopteryx lithographica

incidencematrix/flickr

Archaeopteryx, ook wel ‘de Oervogel’ genoemd, leefde in het late Jura in het gebied dat nu bekend staat als Duitsland. In 1861 beschreef men het fossiel van een veer en in het tegenwoordige Beieren werd in datzelfde jaar een skelet van deze dinosauriër aangetroffen. Het gevederde dier hield het midden tussen een reptiel en een vogel. Door het ontbreken van een gespierde borstkam was de Archaeopteryx lithographica waarschijnlijk geen hoogvlieger, maar vloog hij eerder laag boven de grond, speurend naar insecten.

Microraptor zhaoianus (42 tot 120 centimeter)

Microraptor zhaoianus

Deze kleine roofsauriërs leefden in het gebied dat we nu China noemen. De soort werd pas ontdekt na een klein schandaal in de dinowereld. In 1999 kocht Stephan Czerkas een fossiel met de naam ‘Archaeoraptor’ op de zwarte markt. Het zou gaan om een bijzondere tussenvorm, met zowel uiterlijke eigenschappen van dino’s als van vogels, maar het bleek echter een vervalsing te zijn. Niet opzettelijk overigens, de botten lagen op nog geen meter afstand van elkaar en de vinders waren in de veronderstelling dat alles bij elkaar hoorde. En een vrijwel compleet skelet is natuurlijk veel meer waard. Na onderzoek bleek het echter om minstens drie verschillende diersoorten te gaan. Het staartfossiel was afkomstig van de Microraptor. Ondertussen zijn er honderden exemplaren opgegraven, waarvan er vele dankzij vulkaanas zeer goed bewaard zijn gebleven. Bij sommige Microraptors is het verenkleed nog te zien en zelfs de laatste maaltijd is bij sommige fossielen nog in de buikholte zichtbaar.

Xixianykus zhangi (50 centimeter)

Het fossiel van Xixianykus zhangi lag in de Chinese provincie Henan sinds het late Krijt te wachten op ontdekking. De ruggengraat, het bekken en delen van de achterpoten werden hier aangetroffen. In 2010 werd het geslacht benoemd en beschreven door Xi Xing, die een samentrekking maakte van het district Xixia en een afleiding van ‘onyx’, oftewel ‘klauw’. Xixianykus was, gezien zijn relatief lange benen in combinatie met korte dijbenen, waarschijnlijk een snelle renner die zich voedde met insecten.